De Kleiputten
Steekkaart
Aard: natuurreservaat en parkGrootte: 2 ha reservaat en 4 ha parkgebied dat vrij toegankelijk is
Ligging: kruispunt Schaapsdreef en St.-Denijseweg in Kortrijk
Toegang: reservaat alleen onder begeleiding; park elke dag van zonsopgang tot zonsondergang
Eigendom:stad Kortrijk
Beheer: Natuurpunt Kortrijk
Fauna en flora: wasplaten, rietorchis, kleine en grote watersalamander, alpenwatersalamander
Historiek
Op het einde van de 18e eeuw waren de meeste bosontginningen ten behoeve van de landbouw voorbij in onze streek. Enkel op de heuveltoppen, kleine uitlopers van het Heuvelland, trof men nog bosrelicten aan: Bellegembos, Beerbos, Kooigembos, Banhoutbos en bos Vanneste aan Goed ten Houte. De afwezigheid van de vruchtbare leemmantel, waardoor de Ieperiaanse klei, een tertiair sediment, aan de oppervlakte komt, maakte de meeste van deze gronden ongeschikt voor landbouw.De Schaapsdreve scheidde het bos (in 1771-1778 nog zo'n 18 ha) in twee ongelijke delen. Deze dreef stond in verbinding met enkele belangrijke historische hoeves zoals het Goed ten Houte (toponiem reeds bekend in 1201 en verwijzend naar bos of hout) en Goed te Gorghem (nu Nationaal Vlasmuseum).
Akkers en weilanden waren omzoomd door doornhagen en wilgen. Midden in de velden stonden oude geïsoleerde bomen. Tot kort na Wereldoorlog II werden in deze omgeving nog schapen geweid.
Het bos Vanneste bepaalde grotendeels, minstens tot 1827, het uitzicht van het landschap. Dat het bos dan toch volledig verdween, is vermoedelijk te wijten aan een combinatie van factoren, zoals de uitbreiding van het landbouwareaal, brandhoutontginning tijdens de oorlogen en... kleiwinning. Het bos aan de ene kant van de Schaapsdreef werd omgezet in akkerland, de andere kant in twee kleigroeven.
De kleigroeven die nu het natuur-en parkgebied vormen, dateren van
1923. Voor de fabricatie van de bakstenen werd de klei met
de spade en later met een excavateur uitgebrikt en met "berlingskes"
naar de steenpers gebracht. Met kruiwagens gingen de groene
vormelingen naar de droogloodsen waar ze gestapeld werden.
Na zes weken werden deze stenen in veldovens gebakken. Dit
waren enorme vuren die dagenlang brandden en vaak de omgeving
verschroeiden. In 1927 werd een Hoffmanoven (ringoven) gebouwd.
De capaciteit van een dergelijke oven bedroeg 850 000 stenen.
In haar gloriedagen werkten op de steenbakkerij van 't Hoge 50
arbeiders. Na Wereldoorlog II viel de steenbakkerij stil.
De eigenaars, de familie Elslander, verkochten de groeven in 1951
en 1959 aan de nv Ceramique et Briqueteries Mécaniques du Littoral,
die de groeve in het parkgebied verder uitbaatte. Uiteindelijk
verdween ook de laatste steenbakkerij langs de Doorniksebaan.
De vervallen steenoven werd in de jaren '60 gesloopt.
Natuurgebied en parkgebied
"De Kleiputten" bestaat uit twee grote delen: een natuurgebied van 2 ha en een parkgebied van 4 ha dat vrij toegankelijk is.Door het grillige reliëf en de bodemstructuur treft men in het natuurgebied verschillende biotoopjes aan waar een rijke fauna en flora konden ontstaan. Het grootste deel van het reservaat bestaat uit struikgewas of vochtig struweel met wilgen en ratelpopulieren. Daarnaast zijn er op het hoger gelegen gedeelte ook twee hooilandjes. Nabij de westrand liggen enkele rietveldjes met ondiepe plassen. In het zuidwestelijk gedeelte bevindt zich de zogenaamde 'kalkvijver'.
Het parkgebied is qua opzet vrij uniek. We kozen voor een beperkte recreatieve functie om de betrokkenheid met de natuur te stimuleren. Door de vormgeving en de plantenkeuze vloeien het natuurgebied en parkgebied harmonieus in elkaar over. We streefden een goede verhouding tussen open ruimten (hooiland, waterpartijen) en struweel na. Om een zekere geborgenheid te bereiken plantten we schemgroen. Toch behielden we een zicht op het prachtige golvende landschap. Een wandelpad slingert zich naar het centrum van het gebied. Door het plaatsen van zitbanken en een uitkijkblokhut kan de bezoeker maximaal genieten en het park overzien. Enkele educatieve borden belichten een aantal aspecten van de natuur hier. Het parkgebied is elk weekend vrij toegankelijk..
Fauna en flora
Door een aangepast beheer kregen zowel fauna als flora nieuwe
kansen en konden belangrijke waarden behouden blijven, zich herstellen
of uitbreiden.
Het grootste deel van het reservaat bestaat uit een gemengd moerasbosje.
Door een natuurlijke evolutie bevindt zich hier heel wat dood
hout waarop meer dan 40 % van de hier geïnventariseerde zwammen
voorkomen. We treffen er onder andere boleten en russula's
aan.
Op lichtrijke plaatsen in dit bos fladderen heel wat vlinders
en groeit een zeldzaam varentje: de addertong. Ook vinden
we hier enkele orchideeënsoorten.
In de hooilandjes groeien heel wat merkwaardige planten, waaronder
schitterende rietorchissen. In de herfst verschijnen hier tien
soorten wasplaten. De zeldzaamste is de rozerode wasplaat
die in België alleen hier aangetroffen wordt.
Naast een rietveldje en een moerasje ligt de kalkvijver, omringd
door verschillende bomen en struiken. Over het water scheren
libellen en waterjuffers, de roofvogels onder de insecten.
Verder is dit relatief waterrijk gebied ook een uitstekende biotoop
voor de bruine en de groene kikker, de gewone pad, de kleine watersalamander,
de alpenwatersalamander en de grote watersalamander.
![]() |
![]() |
| Zwartwordende wasplaat in jong stadium en later (2004) | |





